Menu



Schema's


Zoek Artikelen

Zoeken naar:
Mijn Artikelen



Resultaat Artikelen



[Nieuwe invoer]
Gevonden: 15




<<, -5, <, 1, 2, 3, 4, 5, >, +5, >>




[2009-10-31]
Naar een veiliger bochtbescherming bij schaatsen



[2009-04-10]
Parra geeft les op schaatsplank



[2009-03-10]
De schaatsplank



[2008-01-18]
Startprocedure schaatsen langebaan



[2008-01-18]
Wedstrijdreglement schaatsen langebaan



Wedstrijdreglement schaatsen langebaan



Wat moet je weten om deel te nemen aan een wedstrijd langebaan.

De start

Deze procedure is te uitgebreid om in dit artikel te bespreken. Deze wordt in de startprocedure uitgebreid behandeld.

Inhalen

Wanneer een schaatsenrijder een andere rijder inhaalt, mag zowel de ingehaalde als de inhalende rijder niet worden gehinderd. De ingehaalde rijder moet minimaal 5 meter afstand houden. Indien de gepasseerde rijder - na een waarschuwing - zich nog niet aan deze afstand houdt, wordt hij gediskwalificeerd. Wel mag hij, als hij zich daartoe in staat acht, de rijder voor hem opnieuw passeren. Het zogenaamde 'gangmaken' is echter verboden. Deze regel is vooral zeer belangrijk, omdat ter wille van de tijd wordt overgegaan tot de zogenaamde' kwartet-starts'. Daarbij starten 2 paren kort na elkaar en rijden zodoende 4 schaatsers op de wedstrijdbaan.

Wisselen

De rijder die in de binnenbaan rijdt en op de kruising naar de buitenbaan gaat, mag de rijder die van de buitenbaan naar de binnenbaan gaat - en daar dus in leidende positie ligt - niet hinderen. Hij is dus verantwoordelijk voor een eventuele botsing. Het komt wel eens voor dat beide rijders tegelijk uit de bocht komen en de rijder die uit de binnenbaan komt aan de binnenzijde van de baan blijft, terwijl degene die uit de buitenbocht komt zeer vroegtijdig naar de binnenbaan gaat, zijn voorrang neemt en in botsing komt met zijn tegenstander. De scheidsrechter neemt dan een beslissing, omdat hij bij een botsing op de kruising altijd één van de rijders moet diskwalificeren. Dit is dan meestal de rijder, die van de buitenbocht komt. De rijder die niet schuldig was aan de botsing, mag desgewenst de rit overrijden. De scheidsrechter moet hem minimaal 30 minuten rust gunnen. Als hij heeft overgereden geldt de beste tijd van de twee gereden ritten.

Finish

De rijder heeft de afstand uitgereden, zodra hij met zijn schaats de finishlijn heeft aangeraakt of bereikt. Als de rijder valt en daardoor buiten zijn baan het verlengde van de finishlijn passeert, zal de (hand)tijd worden opgenomen zodra zijn schaats deze lijn passeert. Als elektronische tijdmeting wordt gebruikt, wordt de tijd in honderdsten opgenomen. In geval van handtijdmeting, zal vijftienhonderdste seconde (0.15") worden bijgeteld.

Publicatiedatum: 2008-01-02

Bron:





Advertenties